Het eclectische werk van Jan Ezendam heeft in al zijn veelzijdigheid één duidelijk vertrekpunt: zijn passie voor harmonie. Een zoektocht, zoals de eeuwenoude queeste naar ‘musica speculativa', is het gevolg van deze fascinatie voor de akkoordenwereld en specifieke constellaties hierin.

Van hieruit ontstaat een voortdurende wisselwerking tussen de scheppende praktijk en het muziektheoretische handwerk, tussen compositie en esthetiek, tussen theorie en ‘performance'. In plaats van zich te specialiseren zoekt de musicus hier naar het evenwicht tussen verdieping en sociale betrokkenheid.

Zo vervagen grenzen binnen het compositorisch oeuvre.

De nieuwe vrijheid bij het componeren in eigentijdse hybride vormen en stijlen schept evenwel de verantwoordelijkheid om een gedegen handwerk te ontwikkelen. Een wezenlijk element binnen het modelleren van nieuwe ‘skills' is het streven naar transparantie. Tonaliteit en atonaliteit manifesteren zich hier als polariteiten in een complementair systeem. Hiervan een levenswerk te maken is de inzet van ‘Art en Research'